| Meetperiode | Limburg | Nederland |
|---|---|---|
| 2020 | 102.000 | 1.689.000 |
| 2021 | 111.000 | 1.762.000 |
| 2022 | 113.000 | 1.847.000 |
| 2023 | 113.000 | 1.861.000 |
| 2024 | 114.000 | 1.908.000 |
| 2025 | 113.000 | 1.930.000 |
CBS publiceert de aantallen in duizenden. Voor leesbaarheid zijn ze met duizend vermenigvuldigd. CBS StatLine 86277NED; selectie A053019, PV31.
De meetpunten voor Limburg
Het verloop in Limburg begint bij 102.000 in 2020 en bereikt 113.000 in 2025. In volgorde van de meetpunten zijn de tussenstappen +9.000, +2.000, 0, +1.000, -1.000 werkenden. De grootste absolute stap voor Technische & ICT beroepen valt tussen 2020 (102.000) en 2021 (111.000). In deze selectie geldt 2020 met 102.000 als laagste meetpunt, en 2024 met 114.000 als hoogste. De eindwaarde ligt daarmee 1.000 onder dat maximum en 11.000 boven het minimum van Limburg.
Hoe verhoudt Technische & ICT beroepen zich tot het gebied?
Van 2020 tot 2025 verschoof het totaal voor Limburg van 558.000 naar 584.000 werkenden. De verandering binnen Technische & ICT beroepen was +11.000, bij een totale regionale beweging van +26.000. In 2020 kwam de categorie daarmee uit op 18,28 procent van Limburg en in 2025 op 19,35 procent. Binnen dezelfde regio heeft Bedrijfseconomische en administratieve beroepen een bijna zo grote telling (104.000), vanuit 97.000 bij het eerste meetpunt. Sommige branchegroepen binnen de bron overlappen; deze twee categorieën zijn apart vergeleken.
Welke beroepsklassen veranderden in hetzelfde gebied?
Bij Pedagogische beroepen in Limburg verandert de geschatte omvang tussen 2020 en 2025 van 32.000 naar 40.000 werkenden. De beweging van +8.000 is de grootste toename of de kleinste afname onder de overige opgenomen klassen. Aan het andere uiteinde gaat Creatieve, agrarische, overige beroepen van 35.000 naar 26.000 (-9.000). Voor Technische & ICT beroepen zelf is het verschil +11.000 werkenden. De drie aantallen geven geen overstapstromen tussen beroepen.
Van alle Nederlandse werkenden binnen Dienstverlenende beroepen woont naar schatting 6,79 procent in Limburg (54.000 op 795.000). Voor jouw selectie Technische & ICT beroepen is dat 5,85 procent. In een kennismakingsprogramma kan Pedagogische beroepen daarom ter sprake komen als afzonderlijke beroepsachtergrond. Of een inwoner uit Limburg de stap naar zelfstandig ondernemerschap wil zetten, vergt een eigen gesprek.
Van Limburg naar de landelijke reeks
Voor heel Nederland bedraagt Technische & ICT beroepen in 2025 1.930.000 werkenden; in 2020 waren het er 1.689.000. De landelijke beweging over dat venster komt neer op +14,3%, tegenover +10,8% voor Limburg. In absolute aantallen ligt Nederland +241.000 ten opzichte van de beginmeting. Het aandeel van Limburg in de nationale reeks gaat van 6,04 naar 5,85 procent. Dat verloopt niet noodzakelijk in dezelfde richting als het aandeel van Technische & ICT beroepen binnen het regionale totaal van 584.000.
Welke gebieden lijken op de eindstand?
Onder de 12 vergelijkbare gebieden met een positieve meetwaarde voor Technische & ICT beroepen en een beschikbare beginmeting zijn er 6 met een hogere eindstand dan Limburg. De stand van 113.000 is binnen deze selectie niet gedeeld. Het dichtst in absolute aantallen komt Overijssel met 139.000, gevolgd door Utrecht met 152.000. Relatief aan het eigen regionale totaal lopen de andere gebieden van 18,41 procent in Noord-Holland tot 21,42 procent in Noord-Brabant. Ter vergelijking staat Limburg op 19,35 procent voor Technische & ICT beroepen.
Vertaal beroepservaring naar een waarneembare handeling
Vraag in een profielgesprek over Technische & ICT beroepen in Limburg naar één zelfstandig genomen beslissing. Leg er een tweede herkomstprofiel naast, bijvoorbeeld Bedrijfseconomische en administratieve beroepen, met afgerond 104.000 werkenden in Limburg. Hoe anders zag de opdracht eruit voor iemand uit dat tweede werkveld? Gebruik de vergelijking met Overijssel (139.000 bij Technische & ICT beroepen) om de keuze van het gespreksgebied te bespreken. De inwonerstelling bewijst geen beschikbaarheid en is ook geen telling van banen op de werkplek.



